Mike van Diemen (GL-PvdA): gezondheid moet leidend zijn bij beleid over bestrijdingsmiddelen
BOXMEER – Gezondheid moet voorop staan bij keuzes over bestrijdingsmiddelen, veeteelt en woningbouw in het Land van Cuijk. Dat stelt GroenLinks-PvdA-fractievoorzitter Mike van Diemen na beantwoording van schriftelijke vragen door het college van burgemeester en wethouders.
Aanleiding voor de reactie van Van Diemen is dat het college in recente beantwoording erkent dat er gezondheidsrisico’s zijn rond zowel geitenhouderijen als het gebruik van bestrijdingsmiddelen, maar daar op dit moment nog geen concrete maatregelen aan verbindt. Volgens de fractie laat het college daarmee kansen liggen om inwoners beter te beschermen.
Het college gaf onder meer aan voorlopig vast te houden aan landelijke regelgeving voor het gebruik van glyfosaat. Tegelijkertijd erkent het bestuur dat gezondheidsrisico’s een rol spelen en dat nieuwe wetenschappelijke inzichten aanleiding geven tot verdere afwegingen. Lokale ingrepen worden echter nog niet aangekondigd.
Geitenhouderijen en gezondheidsrisico’s
Naast het gebruik van bestrijdingsmiddelen spelen volgens GroenLinks-PvdA ook de gezondheidszorgen rond geitenhouderijen een belangrijke rol. In de gemeente Land van Cuijk zijn op zes locaties vergunningen verleend voor geitenhouderijen, samen goed voor ongeveer 10.000 dieren. Het college erkent dat inwoners die binnen een straal van één kilometer van een geitenhouderij wonen een verhoogd risico hebben op longontstekingen, met name kwetsbare groepen.
Uit cijfers die het college aanhaalt blijkt dat iemand die niet in de buurt van een geitenhouderij woont gemiddeld 1,9 procent kans heeft op een longontsteking. Binnen één kilometer loopt dat op tot 2,3 procent en binnen 500 meter tot 3,3 procent. Volgens het college neemt het risico toe naarmate de afstand kleiner wordt.
Ondanks deze erkenning ziet het college op korte termijn geen aanleiding om bijvoorbeeld vaste afstanden tussen woningen en geitenhouderijen vast te leggen. Eerst wil het bestuur verdere ontwikkelingen en onderzoeken afwachten, onder meer op provinciaal en landelijk niveau.
Teleurstelling over uitblijven van actie
Van Diemen noemt dat onvoldoende. “We zijn teleurgesteld, we hadden meer actie van het college verwacht. Men erkent de grote risico’s van zowel de geitenhouderijen als het gebruik van bestrijdingsmiddelen dichtbij bebouwing, maar zelf een stap naar voren nemen en plannen gaan maken over hoe we daar hier beter mee kunnen omgaan gebeurt niet,” zegt hij.
Volgens de fractievoorzitter gaat het om fundamentele keuzes over de inrichting van de gemeente. “Dat terwijl het gaat om de gezondheid van onze inwoners. Met alle veeteelt en bedrijven die veel gezondheidsrisico’s met zich meebrengen, zouden wij meer actie ondernomen hebben.”
Woningbouw en leefbaarheid
GroenLinks-PvdA wijst erop dat het onderwerp ook raakt aan de woningbouwopgave in het Land van Cuijk. Nieuwe woningen moeten worden gebouwd, terwijl tegelijkertijd rekening moet worden gehouden met bestaande agrarische bedrijven en milieuregels. Volgens Van Diemen mag gezondheid daarbij niet ondersneeuwen. “We willen ook huizen bouwen en we willen dat mensen hier fijn kunnen leven. We kunnen ons niet zomaar door die bedrijven laten beperken. Gezondheid moet voorop staan.”
Het college geeft aan de ontwikkelingen te volgen. De provincie Noord-Brabant verkent samen met wethouders hoe om te gaan met recente adviezen van de Gezondheidsraad. Daarnaast doet Wageningen Universiteit onderzoek naar technische maatregelen bij geitenhouderijen. De resultaten daarvan worden in het eerste kwartaal van 2026 verwacht.